Update Wet DBA: actualiteiten en verwachtingen voor zzp’ers, intermediars en opdrachtgevers

Hoe zit het ook alweer met de Wet DBA? Wat moet je doen om je voor te bereiden op 1 oktober? Advocaat Boris Emmerig, Bovib-voorzitter Frederieke Schmidt Crans en ZiPconomy-hoofdredacteur Hugo-Jan Ruts geven een update.

Het huidige uitstel van de handhaving Wet DBA eindigt op 1 oktober en ondertussen is nog veel onduidelijk over de wetgeving. Daarom organiseerde branchevereniging voor intermediairs en brokers Bovib begin juli een webinar over de huidige stand van zaken en de toekomst.

Bovib-voorzitter Frederieke Schmidt Crans besprak met hoofdredacteur Hugo-Jan Ruts van ZiPconomy en advocaat Boris Emmerig de actualiteiten, dilemma’s en de verantwoordelijkheden die opdrachtgevers, bureaus en zelfstandigen hebben. Ook gaven ze praktische tips.

Wet DBA: hoe zat het ook alweer?

Advocaat Boris Emmerig begon met een korte inleiding op het thema. “Samengevat gaat de Wet DBA over de kwalificatie van een arbeidsrelatie, oftewel: werkt iemand als zelfstandige of werknemer?” vertelde hij. “Deze vraag is lastig te beantwoorden en dat is een probleem dat de politiek al meer dan 20 jaar probeert op te lossen.”

Het begon in 2001 met de invoering van de VAR (Verklaring Arbeidsrelatie), die werd vervangen door achtereenvolgens de BGL-module (Beschikking Geen Loonheffingen, 2014) en de Wet DBA (Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties, 2016). Kern van de Wet DBA is het afschaffen van de VAR, in plaats daarvan kwamen er modelovereenkomsten per branche. De Wet DBA kreeg veel kritiek: hij was niet duidelijk genoeg. Daarom besloot het kabinet handhaving uit te stellen en de wet te vervangen.

Lees meer over de achtergrond van de Wet DBA

Afgelopen kabinetperiode kwam minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken) met diverse plannen, waaronder een minimuminhuurtarief en zelfstandigenverklaring voor hoge tarieven. De conceptwet Minimumbeloning zelfstandigen en zelfstandigenverklaring kwam er toch niet en het enige overgebleven middel om de Wet DBA te vervangen is de webmodule. Die is in januari begonnen als pilot, dit najaar wordt hij geëvalueerd. Emmerig: “De webmodule is alweer de vijfde poging om de kwalificatie van arbeidsrelaties te reguleren. Eén ding is duidelijk: dit verhaal is nog niet afgelopen.”

Lees meer over de webmodule: https://www.zipconomy.nl/webmodule/

Webmodule

De webmodule is een online vragenlijst waarmee opdrachtgevers kunnen bepalen of ze een zzp’er mogen inhuren voor een bepaalde taak. “Het is puur een tool, net zoals de ondernemerscheck”, zei Emmerig. “De uitslag van de test geeft geen rechtsbescherming. Het idee is dat jij in actie komt als jouw samenwerking met je zzp’er een ‘indicatie dienstbetrekking’ krijgt.”

Het is complexe materie die je niet vanuit één perspectief kunt benaderen.

Schmidt Crans vreest dat de webmodule in de huidige vorm geen duidelijkheid geeft. “Maar ik denk dat er genoeg kennis in de markt is om tot een werkend instrument te komen”, zei de Bovib-voorzitter. Ze hoopt dat het ministerie marktpartijen meer betrekt bij de ontwikkeling. “Ik denk dat er maatwerk nodig is per sector. Maar we komen alleen tot een oplossing als we met z’n allen om tafel gaan. Het is complexe materie die je niet vanuit één perspectief kunt benaderen.”

Ook Emmerig is kritisch op de webmodule. “In de tool zit geen ruimte voor nuance, terwijl een rechter juist kijkt naar het geheel van omstandigheden”, zei hij. “Sommige vragen wijken af van wat op dit moment rechtsgeldig is. Minister Koolmees heeft bijvoorbeeld verklaard dat het er niet toe doet of een zzp’er hetzelfde werk doet als werknemers in de organisatie. Toch staat die vraag in de webmodule en geeft een positief antwoord 10 strafpunten.”

Fiscaal versus juridisch

Emmerig legde uit dat belastinginspecteurs en rechters op verschillende manieren kijken naar de kwalificatie van een arbeidsrelatie. De Belastingdienst gebruikt een stroomschema met drie vragen (zie hier), terwijl de Hoge Raad kijkt naar alle feiten en omstandigheden. Emmerig: “Die totaalindruk van de rechter omvat veel meer dan de drie vragen die de Belastingdienst stelt.”

Eind 2020 deed de Hoge Raad een belangrijke uitspraak. In het arrest X/Gemeente Amsterdam oordeelde de Raad dat de bedoeling van partijen geen rol speelt bij de kwalificatie van de arbeidsovereenkomst. Emmerig legt uit dat het er wel degelijk toe doet als een zzp’er nadrukkelijk kiest voor ondernemerschap. “Het is namelijk een onderdeel van de totaalindruk”, zei hij. “Maar, het is zeker niet de beslissende factor.”

Risico’s voor alle partijen

Ondanks alle onduidelijkheid, is het belangrijk voor alle betrokkenen om aan de regels te voldoen. Zowel vanuit moreel (goed opdracht- of werkgeverschap), als juridisch oogpunt.

Zzp’ers, intermediairs en eindklanten lopen allemaal risico op navorderingen van de Belastingdienst als blijkt dat iemand niet als zelfstandige voor een opdrachtgever mocht werken. En als een zzp’er kan bewijzen dat hij recht had op een arbeidsovereenkomst, dan moet een opdrachtgever alles betalen wat bij een arbeidsovereenkomst hoort: van loon en doorbetaling bij ziekte tot pensioenpremies, met terugwerkende kracht tot vijf jaar.

Handhavingsmoratorium tot 1 oktober

Op 1 oktober eindigt de handhavingspauze van de Wet DBA. “Eigenlijk verandert er niet zoveel”, zei Emmerig. “De Belastingdienst mag nu al handhaven bij kwaadwillenden, maar tot op heden zijn daar geen gevallen van bekend. Als bij een controle blijkt dat je niet aan de regels voldoet, geeft de fiscus eerst een waarschuwing.”

De intentie van opdrachtgevers is belangrijk, benadrukt de advocaat. “Als je dit webinar kijkt dan val je waarschijnlijk niet onder de ‘kwaadwillenden’,” zei hij. “Mijn advies is om een goedgekeurde modelovereenkomst voor jouw branche als uitgangspunt te nemen en die toe te passen op jouw organisatie. Leg je casus naast jurisprudentie, vraag een expert eens om advies. Kortom, doe je best om compliant te zijn.”

Duidelijkheid vooraf

Hoe weet je als opdrachtgever vooraf zeker dat een overeenkomst aan de regels voldoet? Emmerig noemde vijf manieren:

  1. Vraag een beschikking verzekeringsplicht bij de Belastingdienst. Emmerig: “Hiermee heb je zekerheid vooraf.”
  2. Vooroverleg met de Belastingdienst. Je legt je situatie voor aan een belastinginspecteur. Zijn besluit is een standpunt waar je hem aan mag houden.
  3. Werk met goedgekeurde modelovereenkomsten. Als je in de praktijk werkt volgens de afspraken, geeft dit zekerheid over de kwalificatie van de arbeidsrelatie.
  4. Gebruik de webmodule. Deze geeft geen rechtszekerheid, maar het is verstandig om in actie te komen bij een indicatie dienstbetrekking en in twijfelgevallen.
  5. Boekonderzoek of bedrijfsbezoek Belastingdienst. Emmerig: “Dit geeft duidelijkheid, maar het is omslachtig. Bovendien vragen ondernemers meestal niet zelf om controle van aangiften en administratie, dat is eigenlijk altijd op initiatief van de fiscus.”

Verantwoordelijkheden en compliance

Ruts benadrukte dat het aantal zzp’ers nog steeds groeit, ondanks alle onzekerheid. Bovib-voorzitter Schmidt Crans ziet veel zzp’ers werken in reguliere functies op scholen en in ziekenhuizen. “Dat is mede het gevolg van alle onduidelijkheid de afgelopen jaren”, zei ze. “Opdrachtgevers willen best mensen in dienst nemen, maar de werkenden willen dat niet.”

Hoe kun je als opdrachtgever het best omgaan met je inhuur? “Leg alles goed vast, werk zoveel mogelijk volgens de afspraken in goedgekeurde modelovereenkomsten”, tipte Schmidt Crans. “Weet wie bij jou rondloopt onder welke omstandigheden. Als het kabinet dan een besluit neemt, kun je direct schakelen en eventueel over gaan naar een andere contractvorm.”

Adviseer eindklanten en zzp’ers over hun rechten en plichten. Dan laat je je meerwaarde zien als bureau.

Tussenkomst- en bemiddelingsbureaus kunnen een belangrijke rol spelen bij compliance, benadrukte de voorzitter van Bovib. “Als intermediair heb je de verantwoordelijkheid om te toetsen. Is de samenwerking binnen de afgesproken periode afgerond? Waarom niet? Adviseer eindklanten en zzp’ers over hun rechten en plichten. Dan laat je je meerwaarde zien als bureau.”

Toekomst van zzp-wetgeving: gelijke basis en tariefgrens

Tot slot bespraken Schmidt Crans, Ruts en Emmerig hun verwachtingen voor de toekomst. Na de formatie en de pilot van de webmodule moet er een kamerdebat komen over de wenselijkheid van de inzet van zzp’ers. Vorig jaar kwam de Commissie Regulering van Werk onder leiding van Hans Borstlap met input: een advies over hervormingen op de arbeidsmarkt. De Commissie-Borstlap stelt onder andere voor dat voor alle werkenden vergelijkbare arbeidsrechtelijke regels moeten gelden. Denk onder andere aan een brede basisarbeidsongeschiktheidsverzekering voor alle werkenden.

“Zo’n gelijk speelveld leidt tot keuzevrijheid voor werkenden en organisaties”, zei Schmidt Crans. “Als bescherming en afdrachten voor iedereen hetzelfde zijn, maakt contractvorm veel minder uit. Dan heeft hogere flexibiliteit een hogere prijs, en dat is oké.”

Ook de Sociaal-Economische Raad (SER) kwam begin juni met een ontwerpadvies voor de formatie van het nieuwe kabinet. Dat sluit grotendeels aan bij het rapport van Borstlap. De sociale partners voegen daaraan toe dat de Belastingdienst zich bij het aanpakken van schijnconstructies beperkt tot situaties waarin zzp’ers worden ingehuurd onder de 35 euro per uur.

Een goede denkrichting, vond Schmidt Crans. “Het gaat er tenslotte om dat we de onderkant beschermen tegen uitbuiting.”

Emmerig vraagt zich af of het kan, zo’n tariefgrens. “Je doorbreekt hiermee onze Nederlandse solidariteitsgedachte. Wie meer verdient, betaalt dan minder mee aan premies.”

Schmidt Crans: “Juist daarom is de volgorde zo belangrijk: eerst een gelijke basis voor alle werkenden. Ik hoop dat het volgende kabinet de adviezen ter harte neemt en nu echt de discussie aangaat: in wat voor land willen we werken en onder welke contractvormen? Wat moeten we regelen om dat te bereiken?”

Bekijk het hele webinar hier of bekijk de slides van Boris Emmerig.